Een initiatief door Tosca Impact Centre Erasmus

Veel organisaties wachten op de overheid, maar veel verandering moet intern

Artikel

Net zero-doelen, circulaire strategieën, impactgedreven businessmodellen: het vocabulaire van duurzaamheid is ingeburgerd in de boardroom. Maar wie een laag dieper kijkt, ziet iets anders: projecten die niet opschalen, afdelingen met uiteenlopende prioriteiten en medewerkers die niet weten wat er concreet van hen verwacht wordt.  ‘Het probleem zit niet in de visie. Het zit in de executiekracht’, zegt emeritus hoogleraar international business Rob van Tulder.  

Een systeemprobleem 
Organisaties zijn van oudsher ingericht op het optimaliseren van het bestaande, niet op het transformeren ervan. Dat is geen falen van individuen, maar een structureel systeemprobleem. Van Tulder: ‘Future-fit vergt dat ondernemingen veel beter inschatten wat de aard van de duurzaamheidsuitdagingen is. Veel ondernemingen worstelen met strategische vraagstukken: een slimme balans creëren tussen investeren in toekomstbestendige activiteiten en niet-duurzame activiteiten loslaten.’ 

Professor Karen Maas van het Impact Centre Erasmus omschrijft het als de paradox van goed management: hoe beter een organisatie haar huidige prestaties managet, hoe groter de kans dat ze vastloopt bij fundamentele verandering. ‘Traditionele KPI’s sturen op efficiëntie, voorspelbaarheid en resultaten op de korte termijn. Precies de factoren die duurzame transitie kunnen remmen.’ 

Het gevolg: activiteit wordt verward met vooruitgang. Rapportages worden uitgebreider, dashboards geavanceerder, communicatie verfijnder. Maar het bedrijfsmodel zelf verandert niet. 

Wat Future-Fit organisaties anders doen 
Organisaties die de kloof tussen plannen en resultaten wél weten te dichten onderscheiden zich niet door betere plannen. Ze maken andere keuzes in de uitvoering. 

Ten eerste verankeren zij duurzaamheid in de dagelijkse besluitvorming. Niet als apart thema, maar als integraal onderdeel van investeringen, innovatie en commerciële strategie. Ten tweede accepteren ze dat transitie gepaard gaat met spanning en onzekerheid. Waar veel organisaties terugvallen op kortetermijnrendement zodra het spannend wordt, houden Future-Fit bedrijven koers. 

Winst en maatschappelijke impact worden vaak als elkaars tegenpolen gezien, ziet Ulrike de Jong van duurzaamheidsconsultant TOSCA. ‘Terwijl zij elkaar juist kunnen versterken. Maatschappelijke impact is pre-financieel in plaats van niet-financieel. Bedrijven die dat snappen creëren kansen voor zichzelf én voor de samenleving’. 

Van sturen naar faciliteren 
Leiderschap speelt een cruciale rol. Klassiek management is gericht op controle en voorspelbaarheid, maar duurzame transformatie is per definitie onzeker. Toekomstgerichte organisaties verschuiven daarom van sturen naar faciliteren. Duidelijke kaders in plaats van gedetailleerde plannen, richting geven in plaats van oplossingen voorschrijven, obstakels wegnemen in plaats van processen dichtmetselen. 

Opvallend is dat veel duurzame innovatie niet uit de boardroom komt, maar van de werkvloer. In traditionele organisaties strandt die energie vaak in pilots. In Future-Fit organisaties wordt ze benut en opgeschaald. 

‘Toekomstvaardig leiderschap betekent loslaten: minder sturen op controle, meer ruimte geven aan initiatieven die van binnenuit ontstaan’, zegt Nicolette Loonen van TOSCA. 

Transformeren doe je niet alleen 
Er is nog een dimensie die in veel duurzaamheidsdiscussies onderbelicht blijft: geen enkele organisatie transformeert alleen. Klimaat, circulaire ketens en sociale ongelijkheid zijn per definitie systeemvraagstukken die samenwerking vragen. Future-Fit organisaties bouwen daarom actief aan ecosystemen met toeleveranciers, klanten, kennisinstellingen, branchegenoten en soms ook concurrenten. 

Van Tulder: ‘Veel organisaties die midden in een transitiefase zitten, wachten op initiatieven van de overheid, terwijl de grootste verandering intern moet en kan plaatsvinden. Wachten op de overheid is een makkelijk excuus voor het uit de weg gaan van strategische maatregelen.’ 

In plaats van waarde-extractie binnen een keten staat waardecreatie binnen een netwerk centraal. Standaarden worden gedeeld, data wordt uitgewisseld, risico’s en kansen worden collectief gedragen. Wie erin slaagt het eigen initiatief te verbinden aan een breder ecosysteem, vergroot niet alleen de impact, maar ook de veerkracht van de eigen transitie. 

Geen toeval, maar architectuur 
Dat Future-Fit organisaties beter zijn in uitvoering, is geen kwestie van cultuur of geluk. Het is het resultaat van bewuste keuzes in hoe zij zichzelf inrichten. Ze investeren in leiderschap dat omgaat met onzekerheid, expliciete prioriteiten (ook als die pijn doen) en governance die leren en aanpassen mogelijk maakt. 

Maar misschien wel het meest onderscheidende: zij zien duurzaamheid niet als project náást het bedrijf, maar als kern van hoe waarde wordt gecreëerd. En dus als onderdeel van het businessmodel zelf.