Stel een topbestuurder de vraag hoe het gaat met de duurzame transitie in Nederland en de kans is groot dat het antwoord dubbelzinnig is: ‘Slecht, eigenlijk. Maar bij ons gaat het prima’. Uit onderzoek van Change Inc. en MT/Sprout, uitgevoerd in samenwerking met TOSCA en Impact Centre Erasmus onder 307 zakelijke beslissers, blijkt een hardnekkige perceptiekloof. Nederland als geheel krijgt het rapportcijfer 5,5 maar de eigen organisatie scoort volgens diezelfde respondenten een 6,6. Een verschil van ruim 20 procent.
Meer achteruitgang dan vooruitgang
Bijna 40 procent van de respondenten zegt dat de transitie in Nederland het afgelopen jaar is verslechterd. Slechts 34 procent ziet verbetering. De rest, bijna drie op de tien, ziet geen beweging in welke richting dan ook.
Nederland telt talloze bedrijven met klimaatdoelen, duurzaamheidsrapporten en investeringen in groene innovatie. Maar de optelsom van al die interne inspanningen levert blijkbaar onvoldoende systeemverandering op. De cijfers laten geen stilstand zien, maar ook geen doorbraak. Ze tonen een transitie die onderweg is: zoekend, lerend en soms stagnerend.
De boardroom ziet minder frictie dan de werkvloer
Wie de data uitsplitst naar functieniveau, vindt nog een ongemakkelijk patroon. Directieleden en C-level-bestuurders geven Nederland een 5,8 en de eigen organisatie een 6,9. Operationele medewerkers zijn kritischer: zij waarderen Nederland met een 5,2 en de eigen organisatie met een 6,3.

Hoe hoger in de hiërarchie, hoe rooskleuriger het beeld. Dat is problematisch, omdat strategische keuzes nu eenmaal bovenin worden gemaakt. De top ziet ambitie en voortgang; de werkvloer ziet ook de blokkades, de trage processen, de targets die op papier staan maar in de praktijk knellen.
Doelen zonder consequenties
Van alle organisaties heeft 83 procent duurzaamheidsdoelen. Dat klinkt goed, maar 56 procent meet de impact nauwelijks of helemaal niet. En als het gaat om de vraag of leiders worden afgerekend op die doelen: 30 procent zegt van niet, nog eens 30 procent zegt slechts in beperkte mate. Slechts 19 procent ervaart dat leidinggevenden er echt stevig op worden aangesproken.
Daarmee wordt de kern van het probleem zichtbaar. Duurzaamheid is in veel organisaties wel onderdeel van de strategie, maar nog niet van de prestatiecultuur. En wat niet stevig meeweegt in beoordeling, beloning en besluitvorming, verliest het vaak van kortetermijndoelen.
Energieverbruik wordt gemeten, ketens niet
Ook in de prioriteiten van organisaties knelt het. Energiegebruik en CO2-reductie worden door 68 procent van de respondenten als focuspunt genoemd. Klinkt logisch, want het is meetbaar en intern te beheersen. Circulariteit en grondstoffen volgen met 52 procent, rapportage en compliance met 49 procent.
Maar duurzame ketens en leveranciers? Die staan bij slechts 41 procent op de agenda. Nieuwe duurzame businessmodellen bij 36 procent. Sociale impact bij 28 procent.
Organisaties richten zich dus op wat ze kunnen controleren, en vermijden wat moeilijker is. De echte transitie speelt zich af in ketens, in samenwerking, in ecosystemen. Juist daar blijft de aandacht achter. Het verschil tussen optimaliseren en transformeren.
Iedereen wijst naar iedereen
Op de vraag wie primair verantwoordelijk is voor de transitie, is de respons veelzeggend breed. Het bedrijfsleven wordt door 64 procent aangewezen, de overheid door 61 procent. Consumenten door 38 procent.
Die gedeelde verantwoordelijkheid klinkt misschien constructief, maar heeft een keerzijde: als iedereen verantwoordelijk is, voelt niemand zich eigenaar. Bedrijven wachten op stabiel overheidsbeleid. Overheden hopen dat de markt versnelt. En zo gaan er maanden en jaren voorbij in een dossier dat juist om tempo vraagt.
De echte vraag voor leiders
Voor bestuurders ligt er een ongemakkelijke, maar noodzakelijke vraag: sturen we vooral op zichtbare interne voortgang, of nemen we ook verantwoordelijkheid voor systeemimpact? De data suggereert dat veel organisaties nog in de eerste fase zitten. Ze hebben doelen, programma’s en initiatieven, maar de stap naar meetbare versnelling in ketens en ecosystemen blijft lastig.
Alle resultaten zien? Download de whitepaper.